Aanmelden Nieuwsbrief

* Zo kunt u het laatste nieuws ontvangen

Blog Post

Waarom zeg jij dat (eigenlijk)? [blog]
Carrière
394 views

Waarom zeg jij dat (eigenlijk)? [blog] 

Vanuit de farmaceutische industrie wordt dagelijks op verschillende manieren gecommuniceerd met de voorschrijvende of adviserende artsen. Tot twee jaar geleden waren de face-to-face contacten de gouden regel waarbij het motto ‘één bezoek is géén bezoek’ heel gangbaar was. Hoe vaker je een arts wist te contacten, hoe groter de kans was dat hij een positieve invloed had op de groei van jouw product. Door de pandemie zijn andere communicatiekanalen versneld geïntroduceerd. Webinars, podcasts, video’s en andere modaliteiten kleuren nu ons farmaceutisch landschap.

Het elke dag fanatiek communiceren met artsen, apothekers en andere zorgprofessionals brengt wel een gevaar met zich mee. Het is heel eenvoudig om te ‘vervreemden’ van onze maatschappij. Als jouw kader wordt gevormd door jouw hoog opgeleide collega’s en doelgroepen bestaat de kans dat je los komt van wat er zich in jouw straat allemaal afspeelt.

Ik spreek uit eigen ervaring. Door de jaren heen raakte ik onbewust los van onze maatschappij. Ik verbleef in luxe hotels, genoot in één functie zelfs van valet parking op Schiphol, vloog tot vervelens toe vanaf Amsterdam heel Europa en daar buiten door. Natuurlijk had je in alle (betere) hotels een kamer die je niet hoefde te delen en de barrekening werd gewoon gedeclareerd. Allemaal heel vanzelfsprekend. Ik merkte dat ik mij begon te irriteren aan het wachten voor een gate. En alsjeblieft geen ‘vakantievlucht’ vol uitgelaten vakantiegangers… zo vermoeiend. Gelukkig dacht ik het en zei ik het niet hardop.

Achteraf een heel waardevolle en dankbare taak waarbij ik er alleen maar hoefde ‘te zijn’ om te zorgen, te luisteren en te leren.

Tijdens mijn mooie loopbaan zat ik tweemaal even ‘in between jobs’. Jeukwoorden die verbloemend vertellen dat je zonder baan zit. Tijdens één van die periodes heb ik vrijwilligerswerk gedaan. Twee verschillende activiteiten. In de eerste had ik een soort oppasfunctie bij een door Parkinson en Alzheimer geplaagde bereisde man. Door mijn aanwezigheid kon zijn partner even zorgeloos naar buiten. Achteraf een heel waardevolle en dankbare taak waarbij ik er alleen maar hoefde ‘te zijn’ om te zorgen, te luisteren en te leren. De tweede was zo mogelijk nog interessanter.  Mantelzorgers hadden in de Gemeente Zoetermeer recht op een eenmalige vergoeding van € 200,- netto. Onder het kopje van een mantelzorgcomplimentje. Iedere mantelzorger diende deze online aan te vragen en ik kreeg de prachtige taak om alle inschrijvingen te controleren. Ten slotte kon iedereen zich zomaar aanmelden om het geldbedrag te incasseren. Langsgaan was geen optie. Telefonisch heb ik honderden mantelzorgers kunnen vragen naar hun zorg. Daarbij vinkte ik alle criteria af en kon ik akkoord geven aan de uitbetalende instantie. Zonder uitzondering was iedereen positief verrast met mijn aandacht.

Er wordt erg weinig aandacht gegeven aan mantelzorg in Nederland. Waarschijnlijk ken je zelf ook mantelzorg situaties. Ik werd er in ondergedompeld en het zorgde er voor dat ik nederig werd. Met stomheid geslagen hoorde ik wat voor een persoonlijk leed zich voordoet in je eigen stad, je wijk, je straat. Verhalen van partners die al 20 jaar zorg dragen voor een door CVA getroffen vrouw en al 15 jaar geen vakantie hebben gehad. Mantelzorgers die smeekten snel uit te betalen omdat zij de ov-kosten om hun zoon te bezoeken niet meer konden dragen. Crisissituaties die ongetwijfeld de laatste anderhalf jaar alleen maar erger zijn geworden. Vanaf dat moment ben ik anders gaan kijken naar mijn omgeving. De vervreemding voorbij.

Wij realiseren ons nooit genoeg (in ieder geval niet dagelijks) waarom wij werken in deze bijzondere farmaceutische industrie. Voor wie doen we het uiteindelijk? Hoeveel empathie leggen we in onze communicatie naar de doelgroepen?

Zittend in een wachtkamer van een ziekenhuis of huisartsenpraktijk zijn we onbedoeld onderdeel van een groep wachtenden. Meestal ben je de enige met een heel lijstje van wensen in een groep waarbij de rest maar één wens heeft: gezond worden. Wij realiseren ons nooit genoeg (in ieder geval niet dagelijks) waarom wij werken in deze bijzondere farmaceutische industrie. Voor wie doen we het uiteindelijk? Hoeveel empathie leggen we in onze communicatie naar de doelgroepen? Praten we over studie uitslagen? Marginale, niet altijd klinisch relevante, verschillen van producten? Spreek je een specialist dat kun je er blindelings van uit gaan dat hij eerder die dag gehandeld heeft met schrijnende pijnlijke situaties waarbij zijn specialistische zorg mogelijk wat verlichting heeft gebracht.

Dat doet mij denken aan een persoonlijke situatie lang geleden. Drie kwartier te laat werd ik binnen geroepen voor mijn afspraak met een neuroloog. Op weg naar zijn spreekkamer passeerde ik een jonge dame, ik schat rond de 20, met haar ouders. Ik was haar net gepasseerd toen zij luid schreeuwend in tranen op haar knieën viel. Haar vader brak ook, haar moeder probeerde sterk te blijven. De neuroloog rende naar haar toe en nam hen weer terug de spreekkamer in. Een klein uur later hoorde ik dat zij net haar diagnose MS had gekregen. De neuroloog heb ik laten praten. We spraken over patiëntenzorg, slecht nieuws en de impact van gezondheid en ziekte. Mijn product heb ik niet genoemd. Daar gaat het niet altijd over. Wat mij betreft zou je je, per contact en telkens opnieuw, moeten realiseren wat voor doel je voor ogen hebt. Welk leed en of ongemak help jij oplossen? Altijd met empathie en heel bewust. Dus waarom zeg je eigenlijk wat je zegt?

Hans Slobbe is Associate Director Recruitment &
Account Management bij Herakles Pharma Staffing

Gerelateerd nieuws